Epilepsie, periodiek voor professionals december 2003

Neurofysiologische diagnostiek en behandeling van epilepie

Demetrios Velis, neuroloog, hoofd Klinische Neurofysiologie, Stichting Epilepsie Instelleningen Nederland en lid van de commissie ‘DMC Neurophysiology’.

Onder auspiciën van de ILAE vond voorafgaand aan het Epilepsie Congres een workshop plaats, die werd georganiseerd door de subcommissie Klinische Neurofysiologie van de ILAE (DMC Neurophysiology). Het doel van de workshop was: de deelnemers (meer dan 75) op de hoogte brengen van de huidige praktijk van de klinische neurofysiologie bij de diagnostiek en(chirurgische) behandeling van epilepsie.


Epilepsieonderzoek in het ‘post genomic’ tijdperk

Gerrit-Jan de Haan, neuroloog, Stichting Epilepsie Instellingen Nederland.

Genetica was een van de hoofdthema’s op het Epilepsie Congres; er waren negen platform- en twee postersessies gewijd aan genetische onderwerpen. Waar de laatste jaren de aandacht uitging naar het beschrijven van telkens nieuwe syndromen met een erfelijke basis, gaat het nu steeds meer om de moleculaire ontwikkelingen en de vraag hoe we de kennis in de praktijk kunnen brengen.


Kwaliteit van Leven van kinderen met epilepsie

Theo Suurmeijer, Basiseenheid Sociologie, Medische Sociologie / ICS en de Disciplinegroep Gezondheidswetenschappen Health Psychology / NCG, Universiteit Groningen.

In de sessie over ‘key quality of life problems in children with epilepsy’ kwamen de meer theoretische/conceptuele en methodologische problemen om kwaliteit van leven (KvL) van Kinderen met epilepsie te meten aan de orde. In een tweede sessie werd ingegaan op de kwaliteit van een aantal meetinstrumenten voor het bepalen van de Kvl.


Casuïstiek

Neurochirurgie voor epilepsie: reactie op een onconventionele casus-presentatie

Walter van Emde Boas, neuroloog, klinisch neurofysioloog, Stichting epilepsie Instellingen Nederland en voorzitter van de Nederlandse Werkgroep voor Epilepsiechirurgie.

In ‘Neurochirurgie voor epilepsie: een onconventionele casus’ uit het vorige nummer van dit tijdschrift beschrijft Prof. W. Renier een meisje met een hersentumor en onbehandelbare epilepsie. Zij zou zijn afgewezen voor epilepsiechirurgie, maar dankzij voortvarend ingrijpen van de eigen Nijmeegse neurochirurg alsnog met voortreffelijke gevolgen zijn geopereerd. Als leermoment stelt Renier de vraag of tumorchirurgie bij dit soort gevallen niet voldoende is en (zeker zo belangrijk) of de afwijzing voor epilepsiechirurgie terecht is geweest. Verder vraagt hij zich af of dit vandaag de dag nog en op dezelfde gronden zou gebeuren.