Epilepsie, periodiek voor professionals september 2010

De redactie aan het woord


De redactie van dit speciale nummer van 'Epilepsie' ligt in handen van Kees Braun en Pauly Ossenblok. Beiden komen aan het woord.


Wat is nieuw in structurele beeldvorming bij epilepsie?

Dik Rutgers en Gťrard de Kort, radiologie, Universitair Medisch Centrum Utrecht.

Structurele beeldvorming is van belang voor het opsporen van pathologisch hersenweefsel als oorzaak van epilepsie. De laatste jaren zijn er nieuwe technieken ontwikkeld waarmee de diagnostiek verbeterd kan worden en wetenschappelijke vragen verder kunnen worden onderzocht. in deze bijdrage volgt een overzicht van deze nieuwe technieken.


Beeldvorming bij kinderepilepsie

Kees Braun, Wilhelmina Kinderziekenhuis en Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen, Universitatir Medisch Centrum Utrecht.

Structurele beeldvorming neemt een belangrijke plaats in in het diagnostisch traject van kinderen met epilepsie. Beeldvorming van de hersenen met behulp van 'Magnetic Resonance Imaging' is noodzakelijk voor het vastleggen van de onderliggende etiologie, het inschatten van de prognose, het vervolgen van progressieve aandoeningen en de selectie van kinderen met refractaire epilepsie die mogleijk kandidaat zijn voor een chirurgische behandeling. In dit artikel worden de typische indicaties voor en bevindingen van structurele beeldvorming bij kinderepilepsie besproken, met nadruk op focale corticale dysplasieŽn.


Grijs-witte stof differentiatiestoornissen bij temporaalkwabepilepsie

Olaf Schijns, Christian Bien, Michael Marjores, Marec van Lehe, Horst Urbach, Albert Becker, Johannes Schramm, Christian Elger en Hans Clusmann, Neurochirurgie, Maastricht Universitair Medisch Centrum, Universiteitskliniek Bonn en Universiteitskliniek Aachen, Duitsland, Epileptologie, Neuropathologie en Neuroradiologie, Universiteitskliniek Bonn, Duitsland.

Het is onduidelijk wat de betekenis is van grijs-witte stor differentiatiestoornissen die vaak gezien worden op de MRI-scan van patiŽnten met temporaalkwabepilepsie. Na epilepsiechirurgie bleek er geen verschil in aanvalsvrijheid te bestaan tussen patiŽnten met en zonder grijs-witte stof differentiatiestoornissen. Het volledig verwijderen van deze afwijkingen gaf geen betere postoperatieve 'outcome' dan een beperkte resectie.


Witte stofafwijkingen en intelligentie bij kinderen met tubereuze sclerose

Suzanne Koudijs, Jolien van Campen, Olga Braams, Alexander Leemans, Onno van Nieuwenhuizen, Floor Jansen en Kees Braun, afdeling kinderneurolgie, Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen en Image Science Institute, Universitair Medisch Centrum Utrecht.

Tubereuze sclerose gaat gepaard met microstructurele afwijkingen van de witte stof, die kunnen worden gekarakteriseerd met 'diffusion tensor imaging'. Eerder werd aangetoond dat bij zowel proefpersonen als bijvoorbeeld patiŽnten met de ziekte van Alzheimer, de structurele integriteit van de witte stof correleert met cognitie. De vraag was of dit ook geld voor patiŽnten met het tubereuze sclerose complex.


SPECT en PET: de radioactieve bijdrage aan epilepsiediagnostiek

Frans Leijten, neurologie, Universitair Medisch Centrum Utrecht, Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen, Renť Debets, neurologie, Stichting Epilepsie Instellingen Nederland, Heemstede en Emile Comans, nucleaire geneeskunde, VU medisch centrum, Amsterdam.

PET en in mindere mate SPECT zijn niet weg te denken uit de epilepsiechirurgie. Het zijn twee indirecte methoden om een epileptische bron of netwerk te lokaliseren, naast directe methoden als EEG en MEG, die echter inherente beperkingen hebben, vooral als het gaat om dieper gelegen bronnen. In dit artikel willen we aan de hand van twee voorbeelden laten zien hoe SPECT en PET in de praktijk gebruikt kunnen worden.


Bronlokalisatie bij epilepsiechirurgie: MEG versus EEG

Geertjan Huiskamp, neurologie en neurochirurgie, Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen, Universitair Medisch Centrum Utrecht.

EEG en MEG kunnen worden ingezet voor bronlokalisatie ten behoeve van de planning van epilepsiechirurgie. Van MEG is bekend dat hierbij de hoge elektrische weerstand van de schedel geen rol speelt. Voor EEG is dat wel het geval, met als gevolg dat de nauwkeurigheid van bronlokalisatie op basis van EEG in de praktijk lager uit blijkt te vallen dan voor MEG. Deze studie laat zien dat niet zozeer de hoge weerstand van de schedel per se, maar onvolledige kennis van die weerstand op individuele basis de lagere nauwkeurigheid verklaart.


Simultaan EEG en fMRI-onderzoek bij epilepsie

Pauly Ossenblok, klinische fysica, Kempenhaeghe, Petra van Houdt, Onderzoek & Ontwikkeling, Kempenhaeghe, Jan de Munck, Fysica & Medische Technologie, VU medisch centrum, Amsterdam en Frans Leijten, neurologie, Universitair Medisch Centrum Utrecht.

Functionele MRI is een techniek die veranderingen in doorbloeding en zuurstofgebruik van de hersenen registreert. Door de tegelijk gemeten epileptische pieken in het EEG te correleren met functionele MRI wordt een directe relatie gelegd tussen de epilepsie en geactiveerde gebieden in de hersenen van de patiŽnt. Met EEG gecorreleerde functionele MRI kan het gehele epileptische netwerk in beeld worden gebracht met een hoge spatiŽle resolutie. De vraag is of er binnen dit netwerk een focale epilepsiehaard kan worden geÔdentificeerd.


Voorspellen van gezichtsveldverlies als gevolg van anterieure temporaalkwab resectie?

Colin Jacobs, Pauly Ossenblok, Albert Colon, Ralph Brecheisen, Vilanova i Bartroli en Bram Platel, Kempenhaeghe, Heeze en Biomedical Image Analysis, Technische Universiteit Eindhoven.

Een patiŽnt met temporaalkwabepilepsie is met verschillende anti-epileptica behandeld, maar zonder succes. Gelukkig is hij een geschikte kandidaat voor een operatie, die succesvol is en leidt tot aanvalsvrijheid. Een jaar later hoopt de patiŽnt weer in aanmerking te komen voor een rijbewijs. Echter als gevolg van de resectie blijkt het gezichtsveld aangetast. Dit kan betekenen dat hij ondanks aanvalsvrijheid geen toestemming krijgt om auto te rijden.


MR-beeldvorming en spectroscopie bij experimentele epilepsie

Pieter van Eijsden, Wim Otte, Kees Braun en Rick Dijkhuizen, Rudolf Magnus Instituut voor Neurowetenschappen en Image Sciences Instituut, Universitair Medisch Centrum Utrecht.

Magnetische resonantie maakt het mogelijk om met een hoge spatiŽle en/of temporele resolutie informatie te verkrijgen over de functie, connectiviteit, organisatie en chemische samenstelling van de hersenen. Een deel van deze technieken heeft zijn waarde voor epilepsie al bewezen, hoewel een groot deel voorlopig alleen nog wordt toegepast in dierexperimenteel onderzoek. Dit artikel schetst in vogelvlucht een beeld van de mogelijkheden van deze technieken en voorlopige resultaten van dit preklinische onderzoek.


Ingezonden berichten

Erwin van Vliet wint Harry Meinardi proefschriftprijs

Renske Akerboom en Odile van Iersel

ĎWaarom krijgt men bij 30 procent van de mensen met epilepsie de aanvallen niet met medicijnen onder controle?í Deze vraag stelde Erwin van Vliet aan het begin van zijn promotieonderzoek aan de Universiteit van Amsterdam.


Naar een effectief nachtelijk aanvalsdetectiesysteem

Frans Leijten, neurologie, Universitair Medisch Centrum Utrecht.

In de komende jaren zal gewerkt worden aan een praktisch systeem dat nachtelijke aanvallen betrouwbaar kan detecteren in de thuissituatie en op klinische afdelingen. Hiervoor is een subsidie verkregen, die een belangrijke impuls zal geven aan het onderzoek naar de veiligheid en zelfredzaamheid van patiŽnten met epilepsie.


Het tijdschrift kunt u hieronder openen

Klik hier om het tijdschrift te openen